Telen van hop
Het telen van hop, een van de basisbestanddelen van bier, was en is in België geconcentreerd in Poperinge, de streek rond Aalst en Asse. Ooit stond het Assese landschap vol pittoreske hopvelden, maar momenteel vechten de hopboeren om hun hopvelden en hun bestaan.

Het verkleinend aandeel van de Belgische hop in de wereldproductie, onaangepaste bedrijfsstructuren en rassenassortiment en onzekere afzetmogelijkheden droegen bij tot de grote crisis in de Assese hopcultuur in 1973.
In 1986 waren er in Asse nog twee of drie hopboeren… en om die eigenheid van onze streek niet te vergeten besloot het gemeentebestuur een bronzen Hopduvelbeeld, een kunstwerk van Wilfried van den Broeck, te plaatsen op de markt.
Ook al is er in Asse nog een Hopmarkt en wordt er nog jaarlijks ook een heuse hopmarkt georganiseerd, toch is de hopcultuur meer een folkloristische cultuur, dan wel een economische of landbouwcultuur geworden. Maar de hopranken heroveren momenteel Asse, zij het op bescheiden wijze: hier en daar in een siertuin en in mini-hopvelden. Ook wordt de hopbel geherwaardeerd als geneesmiddel : langzaam weliswaar, want de hopduvel blijft ook hier tegenspartelen.
Naast het verwerken van hop in bier, is er nog een belangrijke gastronomische toepassing. Zo worden de scheuten van de hoppeplant, de hoppekeesten in de maand maart in een aantal klasserestaurants opgediend als ware delicatesse. Samen met zalm, een gepocheerd ei of met een witte saus, noem maar op. De culinaire geesten weten de hoppekeest te smaken.
De hopplant zelf
Hop of hoppe (Humulus lupulus L.) is een tweeslachtige plant van de familie Cannab(in)aceae, waartoe ook hennep (Cannabis sativa L.) behoort. De plant is vooral bekend omdat ze de grondstof vormt voor de bereiding van bier. Het zijn de hopbellen van de vrouwelijke hopplant die hiervoor gebruikt worden. Vrouwelijke hopbellen bevatten een stof (lupulinepoeder), die aan bier een bittere smaak verleent en tevens dienst doet als natuurlijke bewaarstof. Hop is een gevoelige plant, die niet overal groeit. Er bestaan zowat 40 verschillende variëteiten, waaruit de brouwer een keuze kan maken. Een hopplant kan een hoogte van 8 meter bereiken. De hopgroei situeert zich vooral tussen april en juli. In gunstige omstandigheden kunnen hopranken zelfs tot 35 centimeter per dag groeien! Gemiddeld haalt een hopplant een groeisnelheid van 10 centimeter per dag, waardoor hop één van de snelst groeiende planten is in het plantenrijk.
Hop in de 4 seizoenen
(linosneden van Eugène Van den Broeck)
In de wintermaanden liggen de hopvelden er verlaten bij. De hopplanten verzinken in een diepe rust. Doormiddel van een wortelstok kunnen hopplanten de wintermaanden doorkomen, zijn ze meerjarig.
In december, januari kan men hopplanten rooien en inleggen. Door de planten met aarde te bedekken en vervolgens kunstmatig op te warmen schiet de plant in actie en ontwikkelt ze de in culinaire milieus zeer gegeerde hopscheuten.

In het voorjaar worden eerst de resten van de oude plant weggesneden daarna bevestigt men fijne ijzerdraadjes aan de lange draden bovenaan. Die ijzerdraadjes worden later vastgemaakt in de grond. Rond deze draadjes groeit de hoppe. Begin mei draait men de hoppescheuten(+/-50cm) rond de ijzerdraadjes. Deze jonge scheuten zijn echte lekkernijen!
In het begin van de zomer worden de onderste bladen afgeschreept tot op een hoogte van +/- 1 meter. De hoppe is nu bijna zes meter hoog en moet zeer vaak gesproeid worden tegen ongedierte en ziekten.Vanaf circa 15 juli komen de bloemen tot ontwikkeling.

De pluk vindt plaats in de maand september. De hopranken worden op een kar geladen en naar de plukmachine gebracht. Daar worden de bellen machinaal geplukt en naar de droogast getransporteerd waar de hoppe wordt gedroogd.
De hop wordt gedroogd via warme lucht (+/-60°) die door de ast geblazen wordt.
Het vochtgehalte in de bellen wordt gereduceerd van +/- 75 % tot slechts 12 %. Dit is noodzakelijk om rotting tegen te gaan en bewaren mogelijk te maken. De kale ranken worden in kleine stukjes gehakt en vallen samen met de bladeren op een afvalhoop. In het voorjaar worden de rotte bladeren op het veld uitgestrooid. De droge hop wordt in balen geperst van 75 à 90 kilo. Nu is de hoppe klaar om verkocht te worden. De bellen kunnen op verschillende manieren verpakt worden, geperst in een baal, verwerkt tot pellets (droge korrels)of verwerkt tot een extract, die enkel de noodzakelijke stoffen uit de hop bevat. Deze substantie wordt verpakt in conserven en is zeer lang houdbaar.